Pagina’s

De Walgvogel

Een jaar lang herlezen: juni, de Walgvogel

Voor het lezen

In de vorige aflevering van mijn herleesavontuur vertelde ik over een boek dat ik als begin twintiger las en dat mij daarna achterliet met een licht ontroerd gevoel van hoop. Iets dat voor mij zo fijn was dat ik in de jaren daarna voor elk van mijn kinderen een exemplaar kocht om later aan hen te geven. Bij het herlezen van dit boek bleek dit echter een volkomen verkeerd opgeslagen herinnering te zijn! Inmiddels heb ik geleerd dat dit het Mandela-effect wordt genoemd; iets dat je je herinnert, maar helemaal niet waar blijkt te zijn. Hoewel ik het boek zelf, om heel andere redenen, nog steeds waardeer, voelde ik mij best belazerd door mijn eigen geheugen.

Dit maakt dat ik met een licht unheimisch gevoel begin aan het herleesboek van de maand juni. Het boek dat ik deze maand ga herlezen is namelijk een beetje te vergelijken met Brave New World. Ook van dit boek kocht ik later een voor elk van mijn meisjes, en ik las het in ongeveer dezelfde periode. Dit was een tijd in mijn leven waarin ik me vaak stuurloos voelde, eenzaam en ongeliefd. Wat heb ik mij in die jaren vaak alleen en verdrietig gevoeld. Hele zeeën huilde ik weg en wat mij het meeste bijstaat is het stekende gemis, de behoefte om geliefd te zijn bij iemand. Niet heel raar voor een begin twintiger die op dat gebied weinig had meegekregen thuis. Omdat het begrip ‘zelfliefde’ mij in die tijd nog vreemd was (ik was er in elk geval niet toe in staat) en omdat mijn toenmalige relatie uit was gegaan toen ik twintig was, was ik dus veel en hopeloos verdrietig.

De Walgvogel

En toen las ik Jan Wolkers’ De Walgvogel. Wat ik me vandaag nog denk te herinneren van het verhaal is dat het zich deels in een ander land afspeelt (Indonesië?), dat er iets is met soldaten of in dienst gaan (?) en een gecompliceerde verhouding tussen de mannelijke hoofdpersoon en een getrouwde vrouw. Die verhouding houdt geen stand, er is zelfs een soort van dramatische climax waarbij (volgens mij) de vrouw sterft. Maar zeker hiervan ben ik niet, omdat dit niet is waar De Walgvogel voor mij over ging en waarom het zo’n indruk maakte.

De Walgvogel

Het boek zelf is in kenmerkende Wolkers stijl geschreven; je houdt ervan of juist niet, maar ondanks dat ik in die eerste categorie val, was dat het evenmin wat mij raakte. Voor mij was De Walgvogel troost. Het boek troostte mij, omdat ik er zoveel liefde in proefde. Op soms rauwe, voor mij ongebruikelijke wijze, maar liefde, desalniettemin. Dat een man – een MAN!- zo’n boek, ontegenzeggelijk vol liefde, kon schrijven, daar putte ik troost uit. Dat maakte dat ik weer zag dat niet alle mannen hufters zijn, ook al had die ene waarvan ik dacht dat ik hem zo graag wilde geen boodschap meer aan mij. Inmiddels zijn we ruim twintig jaar verder en qua persoonlijke ontwikkeling -spoiler alert: alles kwam goed, mensen- miljarden lichtjaren, ben ik benieuwd of ik nu, als veertiger, hetzelfde uit dit boek ga halen. Of ik mijn dochters nog steeds straks eentje ga meegeven, later als ze groot/nog groter zijn. Maar vooral of dat blijkt dat ik net als bij Brave New World de troost er zelf bij verzonnen heb… Hoe dan ook: een Wolkers lezen, wie heeft daar nou geen zin in? Ik pak hem er bij.

Na het lezen

Oh! Victorie! Eindelijk weer eens een boek dat ik redelijk goed had onthouden! Nu heeft dit nog wel een klein slecht geheugenstaartje. Ondanks dat ik het verhaal van De Walgvogel behoorlijk accuraat had onthouden, zowel feitelijk als wat het met mij deed, was ik iets anders best belangrijks straal vergeten. Dat zit zo: na het lezen van dit boek was ik zo into Wolkers, dat ik het door hem geschreven boekenweekgeschenk erbij pakte, dat sinds het uitkomen ervan in mijn boekenkast lag. Ik sloeg de eerste bladzijde open en donderde bijna van mijn stoel. Het was een gesigneerd exemplaar! Nooit geweten dat ik die had! Of compleet vergeten, want mijn geheugen? Ik vertrouw ‘m voor geen meter meer… Wat het echt bijzonder maakt is dat het boek niet alleen gesigneerd is (met een handtekeningstempel van de naam van de grote schrijver), maar gericht aan mij persoonlijk. Geschreven met een pen. Door de hand van Jan Wolkers. Blauw op wit. Voor Jolanda Lichthart. Wat de flip?!? Hoe kan zo’n boek nou tien jaar plus in mijn kast liggen zonder dat ik het weet? Of – misschien nog wel erger – hoe kan ik zoiets in huis hebben en dan volledig (maar echt compleet) vergeten dat ik het heb? Welk hoofd doet dat nou? Echt, een jaar lang boeken uit het verleden herlezen geeft me niet alleen inzichten over de boeken zelf. Nu maar hopen dat ik al die inzichten niet ook weer uit mijn geheugen wis.

Jan Wolkers

Maar goed, het verhaal had ik dus in elk geval wel goed onthouden. Niet alleen was dat een fijne ontdekking, maar het boek zelf was eveneens een heel plezierige herleeservaring. Jan Wolkers heeft een manier van schrijven waar ik heel erg van houd. Rauw, niets verzwijgend eerlijk, maar niet demonstratief. Sommige van de seksscènes zijn (zeker voor de tijd waarin het werd geschreven) behoorlijk expliciet, maar dat is niet uit effectbejag. Ik heb altijd het gevoel dat hij schreef zoals hij leefde, en alles bij zijn naam noemt omdat dat is zoals hij het beleefde. Heel anders dan ik de boeken van Jan Cremer ervaarde; hierbij las ik vooral: “Kijk mij eens Jan Cremer zijn.” Dat is niet hoe Wolkers dat doet. Zijn werkelijkheid is onopgesmukt, rauw en daardoor barstend van ongebruikelijke schoonheid.

Een herinnering die klopt!

En dat wat ik onthouden had, blijkt dus te kloppen. De liefde die de hoofdpersoon voelt voor zijn geliefde is bijna tastbaar, en al loopt het – alweer een spoileralert – niet goed af, toch blijft dat gevoel overeind. Hoe een man een “echte” man kan zijn, met zijn soms smoezelige of gekartelde randjes, en tegelijk gevoelig, liefdevol en teder. Inmiddels heb ik zelf zo’n eigenzinnig en liefdevol exemplaar hier rondlopen en voel ik iets van herkenning, daar waar ik als twintiger alleen hoop voelde. Dus ja. De Walgvogel blijft overeind staan als een van mijn favorieten, en ben ik blij dat ik die drie exemplaren heb liggen voor mijn drietal dochters.

Want hoop kan iedereen gebruiken, maar zeker als je begin twintig bent.

Jolanda Lichthart, moeder, echtgenote, schrijfster, docent, lezer. Volgens Harry Mulisch zouden echte schrijvers nooit boeken lezen, en zouden echte lezers nooit een boek kunnen schrijven. Maar Harry Mulisch, Schmarry Schmulisch, ik doe het gewoon beide. Ha!

Geef een reactie

%d bloggers liken dit:
Helaas moet Ogma ook de cookie-jar open trekken. Wij gebruiken cookies om deze website zo gebruiksvriendelijk mogelijk te maken en u te voorzien van de beste informatie. Klik op 'Instellingen wijzigen' om uw cookievoorkeuren aan te passen en voor meer informatie over het gebruik van cookies op deze website.
Annuleren