Pagina’s

Oscar Wilde

Inhalen deel twee; meer miniverhaaltjes

Ik schreef al eens over een stapel boeken die tevoorschijn kwam toen ik onlangs mijn boekenkasten eens onder handen nam. Boeken die ik bewaard had om er eens over te schrijven, maar waarbij dat er niet van kwam. Vandaag het vervolg, met een aantal minileesverhaaltjes om die schade weer een beetje in te lopen.

De horlogemaker van Londen
Natascha Pulley- De Horlogemaker van Londen

Tineke schreef er al eens eerder over, maar ik ben kort van geheugen en een sucker voor een mooie voorkant, en bovendien kreeg ik het boek cadeau van mijn geliefde, dus ik waagde mij eraan. Het hele boek lang was ik bij het verhaal betrokken, dacht aan de hoofdpersonen bij het naar bed gaan en bij het opstaan. En toen ineens aan het einde: poef! Was het afgelopen. Het verhaal natuurlijk, maar ook de verwondering en de betrokkenheid. Om het maar eens te zeggen waar het op staat: ik snapte er geen zak van. Waarom dit einde? Waarom zo? Waarom? Het boek laat mij achter met twijfel. Is Pulley nou zo slim, of ben ik nou zo dom? Of zit het toch anders? Ik weet het niet, ik snap het niet en (to be frank) ik vind het stom. Dus geen aanrader? Misschien toch wel. Want als er mensen zijn die dit boek wel lezen en die de keuzes van de schrijfster wel begrijpen, willen die dan contact opnemen met Ogma om het aan Tineke en mij uit te leggen? Want voor nu voelt dit boek als een gemiste kans. En het had zo mooi kunnen zijn…

The grail murders
Paul Doherty – The Grail Murders

Oh wat jammer! Jammer dat ik maar eentje uit deze reeks heb kunnen vinden. Een ouderwets goede Doherty, met alweer een hoofdpersoon waar je af en toe om moet lachen, en die sympathie opwekt, al is hij eigenlijk helemaal niet zo’n vriendelijk persoon. Een beetje type schuinsmarcheerder, maar daar hou ik wel van. Het is weer spannend, er zijn wendingen die je niet aan ziet komen en tegelijkertijd krijg je weer een geschiedenisles zonder dat je het door hebt. Ge-wel-dig! Wat een ontdekking. En jammer dat ik geen tijd had voor een uitgebreide Cadfaelmeetlat stuk voor Ogma, maar ach, jullie hebben het vast nu weleens gehoord over die Doherty 😉

The traitor's mark
D.K. Wilson – The Traitor’s Mark

Een moordmysterie dat zich afspeelt ten tijde van de Tudors en dat gebaseerd is op echte misdaden. What’s not to like? Nou, best een paar dingen. Het verhaal sleept maar door en is nergens echt pakkend. Het verhaal is ook weer niet tergend slecht, maar als ik iets wil lezen dat in die tijd speelt dan neem ik duizend keer liever C.J. Sansom’s Shardlake ter hand. Waarvan ik er nog een heb, de allernieuwste! Die ligt op mij te wachten, voor de zomervakantie. Deze geef ik aan iemand anders door.

Oscar Wilde
M.J.Carter – The Printer’s Coffin en Gyles Brandreth – Oscar Wilde and the Dead Man’s Smile (en een beetje S.G. Maclean’s Seeker)

Twee detectives die spelen in Victoriaanse tijden, totaal verschillend van elkaar, beide het meer dan waard om te lezen. Oscar Wilde and the Dead Man’s Smile is van deze twee wat lichter van toon. Tineke heeft er hier al eens eerder over geschreven en zoals dat vaak bij ons boeken BFF’s gaat werd het boek daarna aan mij doorgegeven. Ik genoot ervan! Ik heb, met het idee ook deze langs de historische detective meetlat te leggen, bij verschillende pagina’s een memoblaadje ertussen gedaan, om een paar van die grappig-vileine uitspraken van Mr. Wilde terug te vinden. Alleen dat maakt het al een feestje om te lezen.

The Printer’s Coffin speelt een aantal decennia voor de Oscar Wilde detective, en is een stuk donkerder van toon. Het is de begintijd van Victoria’s regeertijd en een periode van bittere armoe en hongersnood. De ‘coffin’ of doodskist slaat zowel op het feit dat er (spoiler alert) iets vervelends gebeurt met een boekenprinter als op het apparaat met dezelfde naam die in de printindustrie werd gebruikt. Deze detective, een uit een driedelige serie over het speurdersduo Blake and Avery was boeiend, en deed me denken aan de boeken van S.G. Maclean, over Damian Seeker. Alweer een nieuwe reeks die ik in deze schrijfluwe tijd ontdekte, en die speelt ten tijde van de Engelse republiek onder leiding van Oliver Cromwell, rond 1651. Bijna tweehonderd jaar vóór The Printer’s Coffin dus, maar iets van de trieste, desolate sfeer vond ik terug in dit boek. Van de twee zijn de Seekerboeken voor mij het sterkste, met een hoofdpersoon die je zo graag iets beters gunt. En een hond. Wat heb ik, sinds we er zelf eentje hebben, toch een warme gevoelens ontwikkeld voor boeken met een hond in een bijrol, eigenaardig hoe dat werkt.

Destroying Angel

Toch even een ranking? The Seeker reeks- nr 1, Oscar Wilde reeks op twee en de Blake and Avery detective als hekkensluiter. Maar als je net als ik nogal in de historische detectives zit zou ik ze gewoon allemaal gaan lezen en zelf besluiten wie het goud, zilver en het brons in jouw ogen verdient.

Na een beetje de schade inhalen is het ook weleens tijd om het resultaat van die opgeruimde boekenkasten te tonen. Zal ik dat dan een volgende keer doen?

Jolanda Lichthart, moeder, echtgenote, schrijfster, docent, lezer. Volgens Harry Mulisch zouden echte schrijvers nooit boeken lezen, en zouden echte lezers nooit een boek kunnen schrijven. Maar Harry Mulisch, Schmarry Schmulisch, ik doe het gewoon beide. Ha!

Geef een reactie

%d bloggers liken dit:
Helaas moet Ogma ook de cookie-jar open trekken. Wij gebruiken cookies om deze website zo gebruiksvriendelijk mogelijk te maken en u te voorzien van de beste informatie. Klik op 'Instellingen wijzigen' om uw cookievoorkeuren aan te passen en voor meer informatie over het gebruik van cookies op deze website.
Annuleren