Pagina’s

  • Home
  • Over Alles
  • Wij besloten dit jaar onze vacantie in Tirol door te brengen.
Tirol

Wij besloten dit jaar onze vacantie in Tirol door te brengen.

In 1954 besloten oom S. en zijn kameraad H. af te reizen naar Tirol. Ook dit maal neemt S. weer uitvoerig de tijd om de lange busreis te beschrijven, de vermoeide gezichten, de vergezichten op de autobahn, de kopjes soep die onderweg worden genuttigd en de formaliteiten bij de grens. En waar wij dan zouden inchecken bij een fijn hotel, vakantiehuis of een Airbnb, kwamen zij in 1954 toch ergens anders terecht;

Na aankomst in Hotel Ernberg werden wij ondergebracht in Mühl, dat ongeveer tien minuten gaans van Reutte lag. Ons kosthuis vindt u hierbij afgebeeld.

kosthuis

Nadat we met de familie Hohenrainer hadden kennis gemaakt gingen wij weer naar Breitenwang naar het hotel om te eten. De meesten van het gezelschap konden het eten niet erg waarderen, maar mij persoonlijk smaakte het wel. Na het diner ging H. naar bed en ik ging de Urisee en de omgeving eens verkennen.

Van deze See, die bij onze Friesche meren vergeleken maar klein was, staat hier een foto.

Urisee

Dat H. er wijs aan had gedaan naar bed te gaan, ondervond ik toen ik dicht bij de Urisee in het warme zonnetje in slaap viel. Nadat ik wakker geworden was bleef ik nog een hele tijd suf en had moeite mijn kosthuis weer te vinden. Zelfs liep ik eenmaal de deur voorbij zonder het te zien. Na thuiskomst hield ik H. nog een poosje gezelschap in bed en daarna gingen we weer eten in hotel Ernberg. Na het eten hebben we Reutte nog even bezichtigd. Voornamelijk de Hauptstrasse, die hieronder is afgebeeld. We zijn er niet lang gebleven, maar vroeg naar bed gegaan.

Reutte
En bij vakanties in Tirol horen natuurlijk bergwandelingen

We begonnen de tocht ongeveer met de hele ploeg, maar de ouderen kwamen al gauw in de achterhoede terecht. Terwijl wij met de reisleider aan de kop lagen. B., ., D. en R. met H. en mijzelf hielden evenals de reisleider van tempo. Hij was voor ons inderdaad een ideale leider, maar hij liet de achterblijvers wel eens een beetje teveel in de steek. Het begin van de tocht was een weg aangelegd die echter nogal steil was. Op de plaats, waar nevenstaande foto gemaakt is, moesten we verder door de bergweiden.

Nadat we een poosje in het gras gezeten hadden kwam de tweede ploeg met verschillende ouderen bij ons. Zij namen onze rustplaats in en wij gingen weer verder naar de hut van de koeherder, waar we onze lunch gebruikten en “Buttermilch” dronken. De koeherder woont van Juni tot September met een knechtje alleen in deze berghut. Nadat we nog een poosje gerust hadden, gingen wij met vijf man hogerop. L., H., H., F. en ikzelf. Eerst hebben we nog een hut van de “Himmelstürmen” gezien, waarbij Edelweiss groeide. Ook de oude heer K. ging mee tot deze hut. Daarna werd het tempo hem te hoog, hoewel hij nog een aansporing kreeg van een paar Amsterdammers die naar beneden kwamen en hem toeriepen “Vooruit jongeman!”. Jan met de pet ging echter terug. L. en H. waren de snelste klimmers, dan kwamen H. en ik en F. was de laatste man. Daar hij echter door een operatie een halve long kwijt was, was zijn prestatie nog de beste van het hele vijftal.

Dürnberger Alm

Nadat we midden door de bossen waren gekropen bereikten wij de top van de Dürrenberg Alm. Over een smalle kam met aan weerszijden prachtige diepe dalen gingen we toen nog naar een andere top, waarvan ik de naam vergeten ben. Op deze bergkam waren de koebellen veel beter te horen dan in de dalen. Het klonk als het klingelen van kleine klokjes. Gemzen kregen wij niet te zien. Daar we gezegd hadden dat we om 3 uur weer bij de woning van de herder zouden zijn moesten we snel naar beneden. Onze ploeg was echter ook snel. We gingen soms bijna recht naar beneden en we waren nog voor de gestelde tijd binnen. Na bij de hut nog een verfrissing te hebben genomen gingen we langs de stel de berg af, maar deze was ons ook al gauw niet steil genoeg en toen gingen we recht naar beneden tot aan de Urisee, waar we onze voeten even spoelden in het frisse water. Na op de brug over de Weech nog even te hebben stil gestaan gingen wij naar huis. Na deze wandeltocht smaakte het Oostenrijkse eten ons weer uitstekend.

Er stond gelukkig nog een wat indrukwekkendere See op het programma dan de Urisee

‘s Middags maakten we met het hele gezelschap een tocht over de Huibenfälle en langs de Plansee en Heiterwangersee over de Mäuerle terug. Dit was een prachtige wandeling, die ook door de oudjes op hun gemak gemaakt kon worden. De foto toont mij bij één van de watervallen van een zijrivier van de Lech, dat men soms wel over kon steken door van steen op steen te springen.

Lech
Men laat zich de wijn goed smaken op diverse Tirolerabenden en er is zelfs nog een uitstapje naar Duitsland

De volgende dag maakten we een tocht door Duitsland met een groep Duitse jongeren uit Berlijn en Hamburg. Deze knapen zorgden voor de stemming in de bus door bijna de hele dag prachtig te zingen. Naast mij zat een jongen uit Berlijn. Een fijne jongen en het spijt mij, dat ik zijn adres niet heb gevraagd. Op deze tocht stapten wij voor de eerste maal uit bij het slot Neuschwanstein. Dit slot, dat werd ontworpen door koning Ludwig II van Beieren staat hiernaast afgebeeld.

Neuschwanstein

Het is van binnen prachtig beschilderd, maar het maakt een gruwelijke indruk. Men houdt het er niet lang uit, daar de kleuren enz, veel te fel zijn. Van Neuschwanstein gingen we naar de Wieskirche, waarvan een foto hiernaast staat.

Wieskierche

Deze kerk was van binnen even druk als Neuschwanstein. Van de Wieskirche vertrokken we naar Oberammergau, waar om de 10 jaar de beroemde Passiespelen gehouden worden. De foto hiernaast toont het toneel van dit gebouw, genomen achter uit de zaal vandaan. De banken zijn, zoals ook op de foto wel te zien is, met zeil bedekt.

Oberammergau
Men gaat gevaar ook niet uit de weg daar in de bergen!

‘s Vrijdagmorgens hebben we de Tauern beklommen die 1800 meter hoog was. Toen we een paar honderd meter geklommen waren begon het te regenen en hebben we geschuild onder de bomen. We hebben daar het grootste gedeelte van ons proviand eerst maar opgegeten, omdat het lekker was en omdat we het dan niet verder hoefden te dragen.

Toen de bui over was gingen we vlug verder en al gauw begon de zon weer te schijnen. Eerst klommen we steeds door bossen over een soort veengrond, maar toen we hoger kwamen bestond de berg uit grint en rotsen en zo nu en dan wat zand. Toen we hoger kwamen werd de berg steeds steiler en op een plaats waar hij erg steil was vonden we een van de meisjes uit Zwolle, die niet verder had durven gaan. Dit was voor R. een mooie gelegenheid om ook te blijven zitten. Ze had het laatste stuk al afgelegd met trillende benen. L. ging snel vooruit en A., H. en ik volgden tamelijk dicht achter hem. Op een gegeven moment sloegen we een verkeerd pad in en kwamen toen op een klein topje van ongeveer m2. Je had er een prachtig uitzicht, maar A. en ik waren doodsbenauwd en durfden er haast niet weer af te komen. H. had nergens last van en ging eerst naar beneden, toen volgde A. en ik bleef alleen zitten. Op het ogenblik zie ik nog dat smalle randje onder me en dan verder niets dan het diepe dal. Toen ik echter naar beneden begon te klimmen viel het geweldig mee. Nadat we weer op het goede pad waren gekomen hadden we de top al gauw bereikt en konden onze namen in het boek schrijven, dat aan het kruis boven op de top bevestigd was.

Via Frankfurt, Keulen en Düsseldorff gaat het gezelschap na een week weer op reis naar Nederland. De reis duurt meer dan 24 uur.

Bij Haaksbergen raakten echter de remmen kapot en moesten we een paar uur wachten. Ik heb toen nog wat gewandeld met H. en een appel gekocht. Om ongeveer 6.30 waren we in Emmen. Onze chauffeur bracht ons nog even de bus naar Groningen achterna. In Groningen hebben we nog kippensoep gegeten en toen ging het met de Gado [noot van de redactie, die ook weer wat heeft geleerd: Groninger Autobus Onderneming] op huis aan. Als je je eigen vertrouwde omgeving weer ziet ben je toch blij, hoewel het je spijt dat je er nu al weer bent. Ik wil besluiten met:
Tiroler land du bist so schön,
Wer weisz ob wir ons wiedersehn?

Zo, dat was me het verslag wel, en dan heb ik nog maar een paar fragmenten uitgelicht ook. Wie schrijft ze tegenwoordig nog zo uitgebreid over vakanties van een week?

Op Astrid haar roman, die zich dus afspeelt in Tirol, moeten we nog even wachten. Gelukkig hebben we haar website om te volgen en de gastblogs die ze voor Ogma schrijft. Wil je nu toch een vleugje Oostenrijk toevoegen aan je leeslijst, dan staan in de productlijst hieronder een aantal suggesties. Viel spass!

Tineke Luimstra. Leest over verwoeste werelden, moord en doodslag, lang geleden, vreemde wezens, knusse Britse dorpjes en stoere vrouwen. Droomt over reizen langs de mooiste bibliotheken ter wereld en haar eigen piepkleine, tweedehands boekwinkel. Heeft meer boeken dan geld, dus is eigenlijk rijker dan een miljonair. Life is pretty much perfect!

2 Comments

    • Ogma

      3 augustus 2019 at 15:49

      Ik heb er ook nog eentje van toen ik twaalf was inderdaad. Wachten tot je rolletje foto’s klaar was na de vakantie was altijd zo heerlijk spannend. Maar nu meteen een bestemming delen op Whatsapp vind ik ook gezellig hoor. Het bewaard alleen zo slecht voor later 😉 ~Tineke

      Beantwoorden

Geef een reactie

%d bloggers liken dit:
Helaas moet Ogma ook de cookie-jar open trekken. Wij gebruiken cookies om deze website zo gebruiksvriendelijk mogelijk te maken en u te voorzien van de beste informatie. Klik op 'Instellingen wijzigen' om uw cookievoorkeuren aan te passen en voor meer informatie over het gebruik van cookies op deze website.
Annuleren