Pagina's

Anne van het Groene Huis

7 keer wijze woorden van Anne van het Groene Huis

Anne is een meisje van veel woorden. Zóveel woorden, dat haar adoptiemoeder Marilla er vaak moe van wordt. Anne is een meisje met een grote verbeeldingskracht, een gevoel voor romantiek en dagdromerij. Nee, dat zijn niet altijd even praktische eigenschappen. Maar ze laat haar hart spreken en ze weet in al die dromerige woorden kleine nuances in emoties te benoemen. Nuances die menig volwassenen niet onder woorden kan brengen. Onbewust heeft ze hele diepe inzichten over de menselijke natuur. Ik vind dat we heel veel van Anne’s wijze woorden kunnen leren. Geniet mee met de selectie die ik heb gemaakt uit deel één. Neem vooral de tijd om Anne’s wijze woorden op je in te laten werken, terwijl ik verder geniet met (voor)lezen uit deel twee.

 

1. Over het verschil tussen plichtmatig een gebed opzeggen of een gebed ‘zijn’. (Blz. 87)

Anne heeft in het weeshuis nooit geleerd om een gebed op te zeggen. Marilla legt uit: ‘Als je lief bent, Anne, zul je altijd gelukkig zijn en zul je het nooit moeilijk vinden om je gebed op te zeggen’.
Anne:
‘Een gebed opzeggen is niet hetzelfde als bidden,’ zei Anne peinzend. ‘Maar ik ga me inbeelden dat ik de wind ben die daarboven door de boomtoppen waait. Als ik moe word van de bomen, fantaseer ik dat ik hierbeneden zachtjes door de varens ruis, en dan vlied ik naar de tuin van mevrouw Lynde en breng daar de bloemen aan het dansen, en dan ga ik met één slag naar de klaverakker, en dan waai ik over het Meer van de Stralende Wateren tot het één grote vlakte is van glinsterende golfjes. Er is zoveel ruimte voor fantasie als de wind waait!’

 

Anne van het Groene Huis

 

2. Over het verschil tussen iets mooi vinden en dankbaar zijn voor wat je gegeven wordt. (Blz. 89)

Marilla heeft nieuwe jurken voor Anne genaaid en vraagt wat ze ervan vindt.
‘Ik probeer me in te beelden dat ik ze mooi vind,’ zei Anne beheerst.
[…]
‘Waarom staan ze je dan niet aan?’
‘Ze zijn ….Ze zijn niet….mooi,’ zei Anne schoorvoetend.
Dat schiet Marilla in het verkeerde keelgat en zegt dat Anne dankbaar moet zijn.
‘Ik ben wel dankbaar,’ protesteerde Anne. ‘Maar ik zou zoveel dankbaarder zijn als…als je er eentje met pofmouwtjes had gemaakt. Pofmouwtjes zijn nu in de mode. Marilla, ik zou het heerlijk vinden om een jurk met pofmouwtjes te dragen!’

 

3. Over de zin en onzin van het koesteren van verwachtingen. (Blz. 105)

Anne denkt er het volgende over: ‘Mevrouw Lynde zegt: “Gezegend zijn zij die niets verwachten, want zij zullen niet teleurgesteld worden.’” Maar volgens mij is het véél erger om niets te verwachten dan om teleurgesteld te worden.’

 

4. Over de schoonheid van de natuur en de poëzie er van. (Blz. 106)

Als ze amethisten broche van Marilla bewondert:

‘Marilla? Denk je dat amethisten de zielen zouden kunnen zijn van viooltjes?’

 

5. Over hoe onhandige, dwaze of ondeugende kinderen kunnen opgroeien tot rechtschapen volwassenen. Of niet, volgens sommige andere volwassenen. En over hoe Anne dat ziet. (Blz. 236)

‘Mevrouw Lynde zegt dat ze ooit een dominee heeft horen bekennen dat hij als jongen een aardbeientaart stal uit de voorraadkast van zijn tante; daarna kon ze nooit meer enig respect voor de beste man opbrengen. Nou, zo zou ik me niet gevoeld hebben. Ik zou gedacht hebben dat die bekentenis juist heel edelmoedig was en ik zou bedacht hebben hoe bemoedigend het voor jongetjes van nu zou zijn die stoute dingen doen en spijt hebben, om te weten dat ze ondanks alles nog kunnen opgroeien tot dominee.’

 

6. Over de eeuwige tegenstelling tussen het platteland en de stad. (Blz. 261)

‘En ik kwam tot de conclusie, Marilla, dat ik niet geboren ben voor het stadsleven en dat ik daar blij om ben. Het is leuk om een enkele keer ’s avonds om elf uur ijs te eten in een magnifiek restaurant, maar door de bank genomen lig ik liever om elf uur in mijn zolderkamertje in een diepe slaap.’

 

7. Over rijk willen zijn en rijk zijn. (Blz. 302)

Anne heeft een voordracht gehouden en de show gestolen. Haar vriendinnen waren niet alleen onder de indruk van haar optreden, maar ook van de andere – rijke – gasten.
‘Heb je al die diamanten gezien van die dames?’ verzuchtte Jane.
‘Gewoonweg oogverblindend! Zouden jullie niet graag rijk willen zijn, meisjes?’
‘We zijn rijk,’ zei Anne ferm. ‘[…] Kijk naar de zee, meisjes: zilverachtig en vol geheimzinnige dingen die niemand ooit heeft gezien. Als we miljoenen dollars bezaten en diamanten halssnoeren, zouden we niet méér van die zee kunnen genieten.’

 

Dit is maar een willekeurig greep van Anne’s wijze woorden die me bijgebleven zijn (en die ik zo snel op kon schrijven). Heb jij zelf een lievelingswijsheid van Anne van het Groene Huis? Wij van Ogma horen het graag in de reacties!

Opgegroeid met de boeken van W.G. van de Hulst en heeft daar nog steeds een zwak voor. Keek vroeger graag naar Murder, She Wrote en wenste heimelijk dat zij Jessica Fletcher was. Kwam er ooit aardig dicht in de buurt, toen ze logeerde in het huis uit de serie, wat haar vervolgens inspireerde om zelf een moord mysterie te schrijven. Werkt er aan om dat manuscript als boek uitgegeven te krijgen. Leest, schrijft, mediteert en kijkt naar de stand van de maan om zichzelf beter te begrijpen en te duiden en hopelijk wat wijsheid over te brengen naar anderen.

Geef een reactie

%d bloggers liken dit:
Helaas moet Ogma ook de cookie-jar open trekken. Wij gebruiken cookies om deze website zo gebruiksvriendelijk mogelijk te maken en u te voorzien van de beste informatie. Klik op 'Instellingen wijzigen' om uw cookievoorkeuren aan te passen en voor meer informatie over het gebruik van cookies op deze website.
Annuleren