Pagina's

De vijftiende dag

De Vijftiende Dag – De Vlucht

Een zwarte labrador kwam uit de vijver en schudde haar vacht uit. Daarna liep ze kwispelend over het witte zand naar de man die naast een verbodsbord voor honden stond.
Vijftien dagen geleden lag het strand rondom de vijver vol met badgasten die genoten van de prachtige zomervakantie. Vanuit de bungalows waren lachende stemmen te horen en de geur van barbecue te ruiken. Het terras achter hem zat vol met gasten die in de zon van een drankje genoten.
De grote glazen wanden van het hoofdgebouw weerspiegelden de zomerzon.
Jake streelde de vochtige vacht van de hond en liep over het strand naar de glazen deuren waarachter een verlaten speeldorp lag. Met grote plastic blokken hadden kinderen een half afgewerkt huis gebouwd. In het midden van de ruimte lag een pop en een paar schoenen. Ze waren achtergelaten toen de Vlucht begon, net als de hond die aan de pop snuffelde.

Aan de andere kant van de ruimte leidde een draaitrap omhoog. Jake kwam in een grote ruimte. Tafels en stoelen waren omgevallen of omgegooid toen de mensenmenigte zich een weg naar buiten haastte. Aan de ene kant van de ruimte bevond zich een restaurant en bar en aan de andere kant een receptie en een winkeltje.
Via grote ramen kon hij het zwembad zien waarin een zwemplank eenzaam ronddobberde.
De gang voor de winkel en receptie lag bezaaid met spullen die de Vluchters in hun haast hadden laten vallen. De dagen erna had Jake de rest van de winkel geplunderd en zin buit ergens anders op het park opgeslagen.
Het enige wat nu nog in de winkel lag, waren bederfelijke spullen. Toen de elektriciteit uitviel, begonnen ze te rotten en nu verspreidden ze een vreselijke stank die zelfs de gesloten deuren niet meer tegen konden houden.
Jake liep langs de receptie. Folders met activiteiten die nooit meer plaats zouden vinden, lagen verspreid over de balie.

Op de grond lag een plat getrapte Twix die Jake opraapte en waarvan hij de wikkel aftrok.
Met in zijn mond kleffe chocolade en een zacht koekje, verliet Jake het gebouw en liep de paar treden af naar de parking erachter. Deze was leeg op een oude aftandse wagen na. Glas en plastiek aan de slagboom lieten zien waar auto’s tegen elkaar hadden gebeukt tijdens de Vlucht, als botsauto’s op de kermis.
Jake vroeg zich al vijftien dagen af waar ze allemaal waren gebleven. Vermoedelijk ergens vast in de files die ongetwijfeld over het hele land ontstonden. Wat er daarna met hen gebeurd was, kon hij alleen maar raden. Televisie, radio en alle andere communicatiekanalen waren binnen het uur na de Vlucht gestopt met uitzenden.

 

De vijftiende dagAfbeelding: Dave Huygen

 

Voor het wegvallen van de informatie waar iedereen zo aan gewend was, werd er maar één bericht steeds opnieuw herhaald: ‘Blijf waar je bent!’
Jake was de enige die zich er vrijwillig aan gehouden had. Hij keek hoe de hond langs zijn wagen liep, even snuffelde aan het voorste portier en toen terug kwam.
Het was een vast ritueel geworden: ’s avonds langs zijn wagen lopen. Zijn sleutels zaten in zijn broekzak. Hij hoefde alleen maar in te stappen en te vertrekken, de rest achterna, ook een Vluchter worden. Het was het enige moment van de dag waarop hij zichzelf toestond om aan zijn oude leven te denken.

Eventjes een week ertussenuit om aan zijn thriller te werken, had hij tegen zijn vrouw gezegd. Weg van alle drukte, al het gejaag.
Onvermijdelijk kwam hij dan bij haar uit, bij zijn vrouw. Hij vroeg zich af of hij de sprankel in haar bruine ogen ooit nog zou zien. Was zij thuis gebleven of was ze gevlucht? Hij miste haar warme armen om haar heen en de zachte woorden die ze sprak voor het slapen gaan. Hij miste haar lach die hem een goed gevoel gaf. Zou ze op zoek zijn naar hem?
Jake probeerde deze gedachte weg te drukken want ze gaf hem het gevoel dat hij hopeloos te kort schoot, dat hij een lafaard was omdat hij hier in het park bleef zitten en wachtte.
Zou ze snappen dat hij hier niet weg kon?

Hij draaide de wagen zijn rug toe en liep verder over het pad tot hij weer bij het meer uitkwam.
De zon zakte langzaam weg en kleurde het water rood. De hond drukte zijn neus tegen Jakes handpalm alsof hij wilde zeggen dat het allemaal in orde was.
‘Ik moet dringend een naam voor je zoeken’, zei Jake tegen het dier. De hond kwispelde en liep naar een bungalow vlakbij. Hij bleef bij het paadje naar de voordeur staan en keek om.
In de goudkleurige ogen van het dier zag Jake een sprankel van een bekende warmte en hij lachte.
‘Je hebt gelijk. Het is tijd.’

Jake volgde de hond naar de voordeur en daar hoorde hij het gehuil.

 

De schrijver van De vijftiende dag:

Dave Huygen is een stille, creatieve en fantasierijke geest die een passie heeft voor het schrijven van verhalen en andere stukjes tekst. Hij schrijft sinds zijn kindertijd en nu probeert hij er ook mee naar buiten te komen. Samen met zijn vrouw, kindjes en honden geniet hij van de grote en kleine momenten die het leven te bieden heeft. Prachtige wandelingen samen met zijn gezin zorgen voor de nodige ontspanning en inspiratie.

Wil je nog meer over Dave en zijn schrijfsels te weten komen, volg dan zijn blog Woordchemie of Facebook pagina.

Dave

Ogma is een boekenblog vol verhalen over stoere boeken, oude boeken, soms wat nieuws en soms boeken waar je écht even je best voor moet doen om een exemplaar in handen te krijgen. De vaste redactie bestaat uit Tineke, Jolanda, Mirjam, Simone, Anita en Jan-Rutger en soms maken ze gezamenlijke artikelen of is er een gastblogger. Die blogs vind je onder dit profiel. Enjoy!

Geef een reactie

%d bloggers liken dit:
Helaas moet Ogma ook de cookie-jar open trekken. Wij gebruiken cookies om deze website zo gebruiksvriendelijk mogelijk te maken en u te voorzien van de beste informatie. Klik op 'Instellingen wijzigen' om uw cookievoorkeuren aan te passen en voor meer informatie over het gebruik van cookies op deze website.
Annuleren